Typography

Na de aanslagen in Brussel en Parijs zoeken Europese landen naar manieren om de veiligheid te vergroten. Daarbij kijken zij naar Israël, dat al jaren lijdt onder islamitische terreur. Wat valt er van het land te leren, en tegen welke prijs?

 

Door een ogenschijnlijk doodgewoon kantoor in de Israëlische kuststad Netanya klinkt een langzaam aanzwellend, haast idyllisch Arabisch gezang. Jund­Allah, JundAllah, zingt een man. Andere mannenstemmen vallen in, de muziek blijft a capella. ‘Wij zijn soldaten in het leger van Allah, verbonden in de rechtvaardige oorlog van de jihad.’

Het is een nasheed, een traditioneel islamitisch gezang waarbij volgens invloedrijke imams geen instrumenten mogen worden gebruikt. De muzieksoort kent vele vormen. Dit is de oorlogszuchtige, extreme variant.

Islamitische Staat

Het lied JundAllah is een favoriet van terreurgroep Islamitische Staat die het geregeld onder zijn extreem gewelddadige propagandavideo’s monteert. ‘Wij maken hier onderscheid tussen zij die de islam gebruiken als rechtvaardiging van jihadistisch geweld, en mensen die in de vreedzame islam geloven. Nasheeds kunnen belangrijk zijn voor dat onderscheid,’ zegt de Israëlische Meital, terwijl ze het volume van de speakers op haar computer terugdraait.

Meital (32) is arabist en werkt als senior analist en manager voor Terrogence, een Israëlisch bedrijf dat voor buitenlandse spionagediensten en bedrijven op internet informatie verzamelt over terreurdreiging. Terrogence volgt met speciaal ontwikkelde software op bekende en minder bekende sociale media mensen die nasheedsplaatsen of verwijzen naar de obscure commentaren op de Koran waarop Islamitische Staat en Al-Qa’ida hun ideologie baseren.

Zulk gedrag kan duiden op radicalisering of zelfs op het voornemen om een terreuraanslag te plegen. Vanwege de gevoelige aard van haar werk wil Meital niet dat haar achternaam wordt vermeld.

Spionagediensten

De tengere, donkerharige vrouw deed ruime ervaring op met inlichtingenwerk tijdens haar dienstplicht bij een van Israëls vele geavanceerde spionagediensten. Haar collega’s spreken Russisch, Farsi en diverse dialecten Arabisch. Sommigen hebben een achtergrond in de informatica en weten de weg in de verborgen delen van internet waar jihadi’s met elkaar communiceren via beveiligde verbindingen.

Anderen dienden bij de genie en kennen de huishoudelijke producten die nodig zijn om thuis explosieven te maken. ‘Het mooiste aan mijn werk is als alle stukjes van de puzzel in elkaar passen en wij tijdig een accurate waarschuwing over een op handen zijnde aanslag sturen aan onze klanten.’

Europese klanten

Wie die klanten zijn en wat er in die rapporten staat, blijft doorgaans strikt geheim. Maar directeur Shai Arbel (33), een lange, atletisch gebouwde man, wil wel vertellen dat zijn bedrijf, waar zo’n vijftig mensen werken, verschillende Europese klanten heeft. ‘Nu de dreiging van jihadisten in Europa zo groot is, groeit de vraag naar onze diensten snel.’

‘Om een tipje van de sluier op te lichten: wij zien nu dat zeer ervaren mensen van Islamitische Staat en van Al-Qa’ida geïmproviseerde explosieven ontwikkelen die bijna niet te detecteren zijn op vliegvelden. Hoe gevaarlijk dat kan zijn, hebben we onlangs gezien bij het Russische vliegtuig in de Egyptische Sinaï-woestijn. Daarom adviseren wij onze klanten nu over de veiligheid van vliegvelden.’

 

Waakzaamheid

Terrogence en andere Israëlische inlichtingenbedrijven plukken de vruchten van de reputatie van Israël als land dat al decennia relatief succesvol strijdt tegen de continue dreiging van islamitische terreur. Een uitgebreid netwerk van inlichtingendiensten en informanten ligt daaraan ten grondslag, evenals een permanente staat van waakzaamheid.

Dat zie je terug in het straatbeeld. Drukbezochte gelegenheden zoals concerthallen en treinstations bezoek je niet zonder langs een metaaldetector te gaan. Overal in het land lopen jonge dienstplichtige mannen en vrouwen in olijfgroene uniformen met een M-16 of een lokaal geproduceerd Tavor- geweer aan de schouderband.

De ondervragingen van passagiers op vliegveld Ben-Gurion nabij Jeruzalem zijn berucht. Mensen met een islamitische naam worden geregeld langer vastgehouden, grondig gescreend en bij de minste verdenking direct teruggestuurd. Bij een terreuraanval worden de daders niet zelden snel doodgeschoten door omstanders of toesnellende bewakers.

De publieke omroep zendt ’s avonds filmpjes uit om burgers te leren hoe ze zich moeten verdedigen tegen aanvallen met steekwapens, die de afgelopen weken vrijwel dagelijks voorkomen.

Genadeloze vervolging

Terroristen worden genadeloos en met alle mogelijke middelen vervolgd. Het vooruitzicht van een zelfverkozen dood tijdens een aanslag die moet leiden tot 72 maagden en een mooi plekje in de hemel, wordt gecompliceerd gemaakt. Het Israëlische leger neemt wraak op de familie van daders van aanslagen door hun huizen te vernietigen, een rigoureus afschrikkingsmiddel.

Een paranoïde politiestaat, zeggen critici, en daarmee allesbehalve een voorbeeld voor Europa. Ze wijzen bijvoorbeeld op de ‘administratieve detentie’ waaronder Israël mensen plaatst. Met deze omstreden procedure worden verdachten, vrijwel zonder uitzondering Palestijnen, zonder directe aanklacht voor onbepaalde tijd vastgezet.

‘Administratieve detentie werkt alleen als je over goede en agressieve inlichtingendiensten beschikt,’ zegt dr. Eran Lerman, voormalig directeur van Israëls militaire inlichtingendienst, tegenwoordig werkzaam voor BESA, een denktank voor veiligheidsvraagstukken.

 

Thalys

‘Neem die jongen die recent een aanslag op de Thalys van Amsterdam naar Parijs wilde plegen. Hij stond al langere tijd op het netvlies van de Franse inlichtingendiensten, net als enkele daders van de recente aanslagen in Parijs, maar er was onvoldoende bewijs om ze op te pakken. Bij ons hadden ze al lang vastgezeten.Hoe bezwaarlijk administratieve detentie ook is uit juridisch oogpunt, uiteindelijk moet het recht op leven van onschuldige burgers de hoogste prioriteit zijn van een regering. Bedenk wel: wat er nu in Frankrijk gebeurt, is niet normaal. Dit is een oorlogssituatie.’

Lerman kreeg na de aanslagen in Parijs bijval van Israëls minister van Defensie Moshe Ya’alon, een ex-commando van Sayeret Matkal, de vermaardste elite-eenheid van het Israëlische leger, die ook als politicus de botte bijl niet schuwt. ‘In Europa sloeg de balans tussen veiligheid en mensenrechten tot nu door in het voordeel van mensenrechten. Dat kan niet langer. De prioriteit ligt nu bij veiligheid, om de democratie te beschermen.’

Volgens Ya’alon moeten Europese landen strengere paspoortcontroles invoeren en de beveiliging van publieke ruimten dramatisch opvoeren. In zijn wereldbeeld zijn de aanslagen in Parijs symbool van de ‘Derde Wereldoorlog’ die al een tijdje aan de gang is. ‘Er zijn mensen die wegkijken en dit soort situaties duiden als “sociaal probleem” of iets in die geest. In wezen is het simpel: de jihadistische islam roept op de westerse cultuur te vernietigen. Europese landen zijn niet goed voorbereid op deze oorlog,’ zei hij in een interview op radiozender Kol Israël.

Katalysator

De Franse veiligheidsdiensten werken al sinds de aanslagen op het satirische weekblad Charlie Hebdo en een joodse supermarkt nauwer samen met hun Israëlische collega’s. Volgens Aliza Ben-Nun, de Franse ambassadeur in Israël, zullen de aanslagen in Parijs werken als katalysator voor de samenwerking. Maar niet iedereen in Israël vindt dit een heilzame koers.

‘Preventie van terrorisme is niet alleen een zaak van de politie en het leger, maar ook van de politiek. Ook Israël is alleen in staat terreur te voorkomen of op een draaglijk niveau te houden, door in de politiek geen ruimte te laten voor extremistisch gedachtegoed,’ vindt dr. Shlomo Shpiro, een analist van Europese en Israëlische inlichtingendiensten.

Hij wijst erop dat uitbreiding van Europese veiligheidsdiensten bovendien erg kostbaar is. ‘Het Franse leger heeft de afgelopen jaren 70.000 medewerkers van verschillende afdelingen de laan uitgestuurd. De aankondiging van president Hollande dat er nu weer een paar duizend worden aangenomen, kan niet verhullen dat de diensten zijn uitgekleed. Sinds de economische crisis hebben Europese politici weinig mogelijkheden om geld vrij te maken voor veiligheidsdiensten, zeker nu er zo’n groot beroep wordt gedaan op voorzieningen door de gigantische aantallen vluchtelingen en migranten.’

Online onderzoek

In het kantoor van Terrogence in Netanya kijken medewerkers met koptelefoons op hun hoofd naar propagandavideo’s van Islamitische Staat en maken aantekeningen. Ze krijgen toegang tot de verborgen delen van internet via een zelf ontwikkeld software­systeem dat ze Virtual HUMINT noemen. Net als bij traditionele spionage komt de informatie van informanten, maar dan op internet. Door sluimerend actief te zijn en de gesprekken te registreren, vormt zich een beeld van de connecties.

In een filmpje op een jihadistisch internetforum rennen tientallen kinderen van een jaar of twaalf in camouflagetenues rondjes langs een zanderig sportveld ergens in Irak onder aanvoering van een in het zwart geklede man met een wilde baard. ‘Wat wil je later worden?’ vraagt hij aan een van de jongetjes, die vertelt dat hij uit Kazachstan komt. ‘Zelfmoordstrijder voor Islamitische Staat,’ antwoordt het jochie geestdriftig. Hij mist een voortand en is verlegen voor de camera. Zijn vader is als martelaar voor het kalifaat gestorven, vertelt hij.

Het zijn schokkende beelden, maar de dreiging van lone wolf-aanvallen in Europa houdt directeur Shai Arbel op dit moment meer bezig, zegt hij in een aansluitend interview over de telefoon. ‘Wij kijken naar indicatoren voor het gevaar van lone wolves in Europa. Er zijn twaalf categorieën. Zodra wij zien dat verschillende indicatoren van toepassing zijn, krijgen onze klanten een waarschuwingsrapport. Vaak is er geen tijd te verliezen.’

Israëlische bedrijven als Terrogence verzamelen in verborgen delen van het internet gegevens over terreurdreiging voor buitenlandse spionagediensten.

 

Bron: Elsevier 23-03-2016